Platvissen
en ons verhaal

door Wouter Waldus
maritiem archeoloog ADC ArcheoProjecten en projectleider lichting IJsselkogge

Laatst las ik een item in de Metro over de vondst van honderden dode platvissen die aangespoeld waren op het strand van ’s-Gravenzande. Het betrof volgens Ecomare, een soort van kenniscentrum over de natuur in de Noordzee en de Wadden, vermoedelijk een foutje in de bedrijfsvoering van een viskotter: Boven het quotum gevist en vervolgens een deel van de vangst gedumpt.

De bijbehorende foto’s lieten zien dat ongeveer de helft van de vissen ondersteboven lag en dat de meeuwen zich tegoed deden aan deze makkelijke prooi. Vondst, verslaglegging in de vorm van foto’s en interpretatie: een helder verhaal. Het nieuwsitem was dan ook kort en ging niet in op andere mogelijke scenario’s. In tijd en ruimte was deze verklaring de meest aannemelijke. Viskotter gaat de zee op, trekt in een aantal slagen de netten door de zee, op de weg terug ontdekt men dat de beun te vol is, het teveel gaat overboord en spoelt vervolgens aan in ’s-Gravenzande. De natuur loste het op door middel van een soort kringloop voor hangmeeuwen en daarmee was het item gedaan. Verdere research naar het soort platvissen was niet nodig, de wijze waarop ze verspreid lagen op het strand deed er niet toe en de lessen die uit deze vondst konden worden getrokken spreken voor zich, maar komen toch niet aan bij de betrokken instanties. Dus laat maar, weer een pagina gevuld met nieuws voor passanten die op weg naar hun werk de reistijd moeten doden met niet al te diepgaande informatie.
Zo heeft ook op de dag van 11 februari 2016 het nieuws van de berging van de IJsselkogge in diverse ochtendbladen gestaan. Iedereen leest in de trein een ongeveer vergelijkbaar item: ‘Middeleeuws wrak uit IJssel getakeld. In opdracht van Rijkswaterstaat heeft een consortium van bedrijven een 15e eeuws wrak intact uit de IJssel bij Kampen gelicht.

De betrokken archeologen spreken van een wereldvondst. Ook de burgemeester van Kampen kan zijn geluk niet op met dit wrak. Straks gaat het geconserveerd worden in Lelystad om mogelijk in Kampen tentoongesteld te worden. Het project kostte in totaal 5,5 miljoen euro. Door het verwijderen van dit 20 meter lange en 50 ton wegende object kunnen de werkzaamheden van de verdieping van de IJssel weer verder gaan.’ Fotootje erbij van het wrak en een gelukkig kijkende archeoloog met een baksteen in zijn hand. Einde item, nog een slok koffie, volgende station uitstappen.

De trein strekt langzaam op en dan gebeurt het: in twee doffe, maar beheerste schokken staat het rijtuig stil en lijkt iets opgeheven te worden. De verlichting valt uit. Alleen displays van smartphones verlichten de verbaasde gezichten. De mensen kijken elkaar aan op zoek naar bevestiging van hun bezorgdheid en ergernis. Een krakende maar duidelijke stem uit de intercom: ‘Mensen, dit is een boodschap van het AAA, het Agentschap tegen Algemene Afstomping. Wij zijn er om u te helpen tegen de meest gevreesde ziekte van de huidige tijd: afstomping door een overdaad aan oppervlakkige informatie. We hebben deze trein uitgekozen om u de kans te geven te reflecteren over het laatste nieuwsitem dat u tot zich heeft genomen. U heeft twee minuten de tijd om vijf vragen te formuleren die bij u opkomen naar aanleiding van het opnieuw lezen van deze informatie. We zullen u in dit stadium niet nader informeren over de gevolgen van het niet naleven van onze eis omdat de consequenties zowel voor u als voor ons nog niet te overzien zijn.’
Wat zou er dan gebeuren? Zouden die arme reizigers hun kranten verlichten en regel voor regel het nieuws gaan spellen? Hoe zou op zo’n moment een forens uit Zoetermeer op weg naar zijn eerzame dagtaak in een sector ver verwijderd van water, houten planken, zand en duikpakken, zoals uiteindelijk de meeste mensen, het item over de berging van de IJsselkogge lezen?

Welke vragen zouden in zijn paniek opkomen om wellicht zijn leven te redden?
Het doet er niet toe, want het bovenstaande is uiteraard onzinnig en irreëel. Feit is alleen wel dat de wijze waarop nieuws wordt gebracht niet uitnodigt tot reflectie en hier ligt wel degelijk een probleem. Mensen zijn mensen omdat we reflecteren op ons bestaan. De overdaad aan oppervlakkig non-nieuws verwijdert ons van onszelf. Alsof we door meer volume aan informatie tot ons te nemen uiteindelijk dichter bij, -ja wat eigenlijk?- komen.

De Kamper Kogge begint aan de historische Ommelandsvaart’ in de Stentor. Wat een item! Ga er eens goed voor zitten. Dit is geen bijvangst bij het grote wereldnieuws, geen platvis die een meeuw in zijn geheel wegschrokt. Het nieuws is niet afgelopen met het lezen van het artikel maar vraagt veel meer overpeinzing. Het gaat niet alleen om de reis of over de berging van de IJsselkogge, maar om de verwondering en de details. Zo’n grote houten structuur in de bodem van de IJssel, aan de wind varen met een razeil, de vondst van dreggen in het wrak, de organisatie aan boord om die gevaarlijke reis te maken: het gaat hier om een bron voor een eindeloze stroom aan reflecties.
Sluitende antwoorden zijn eigenlijk niet nodig, het verwonderen is al voldoende. Dit gaat over waar mensen toe in staat zijn, in heden en verleden, ons verhaal. En juist daarom zo belangrijk, met alle respect voor de grote problemen in de wereld.